‘Pim zelf’
Op 6 mei 2002 werd Pim Fortuyn vermoord. Nederland was buiten zich zelf, onthutst, verbijsterd, … … - het juiste woord is nog steeds niet gevonden. En om de stemming te karakteriseren die toen in Rotterdam uitbrak, is al helemaal geen woord beschikbaar. De dag erna moest Feyenoord in de Kuip spelen. Een gruwelijk spoedberaad was nodig om te beslissen of in deze onbeschrijfelijke stemming de wedstrijd wel of niet moest doorgaan. Hij ging door. Feyenoord won. In de commentaren op de televisie kwamen Rotterdammers aan het woord die op de tribune hadden gezeten en daar gevoeld hadden hoe Pim vanuit het hiernamaals de club gesteund had. Sommigen hadden hem zelfs voelen meespelen.
Dat is natuurlijk bizar, maar ik me wel voorstellen dat in de opwelling van het moment zo een gevoel bij mensen opkomt. Maar in de maanden daarna ging Pim Fortuyn serieus in het collectieve bewustzijn voortleven, en hij deed dat op een manier die wij tot dusver in Nederland niet meegemaakt hebben (in het buitenland gebeurt dat soms wel: denk aan Elvis, aan Diana). Onlangs documenteerde wethouder Marco Pastors (Leefbaar Rotterdam, ruimtelijke ordening en volkshuisvesting) hoe dat bij hem werkt. In een interview (NRC H 18 januari) vergelijkt hij zijn partij met de Partij van de Arbeid. Daar zitten mensen die ongeveer hetzelfde willen als hij. Ze kunnen het alleen niet zo duidelijk zeggen. Pastors legt uit hoe dat komt: ‘Wij hebben een nieuwe partij. Wij kunnen veel meer dan in zo’n partij waarin iedereen meteen de ander op de vingers tikt als je maar even iets doet dat niet door de hele partij is goedgekeurd. Wij hebben makkelijk praten. En wij moeten ook meer zeggen. Dat zijn we verplicht aan alle mensen die hebben gestemd op Pim Fortuyn. En aan Pim zelf’.
De cursiveringen staan in het origineel. We zijn het verplicht ‘aan Pim zelf’. Er staat niet ‘wij zijn het verplicht aan de nagedachtenis van Pim’. Nee, we zijn het verplicht ‘aan Pim zelf’. Als je in deze woorden spreekt over een ander, bejegen je die ander als een levend mens. Pastors communiceert met Pim – dat zegt hij tussen de regels door. Dat je kunt communiceren met een overledene, was me bekend. Theosofen en andere ‘sofen, mensen die vertrouwd zijn met spiritualiteit, weten dat de gestorvenen niet louter als abstracte herinnering voortbestaan. Ze leven concreet-letterlijk in alle levende mensen die hen tijdens hun leven gekend hebben. Dat wij met overledenen kunnen communiceren, is de basis van een nieuwe, eigentijdse filosofie. Ze staat bekend onder de naam Kairos – karma en reïncarnatie. ‘Kairos’ is een oud Grieks woord en betekent ‘de tijd is rijp is voor iets nieuws’. Wat Pastors brengt, is ‘kairos’. Ik ga RoRaVoLeRe, de Rotterdamse Raad Voor Levensbeschouwing en Religie, voorstellen Pastors uit te nodigen voor een spreekbeurt.
Deze column is eerder verschenen in ‘De Ster van Kralingen’
Pim zelf, vervolg – voor 2 maart
Vijf weken geleden, 27 januari, schreef ik op deze plaats over Pim. Aanleiding was een opmerking van wethouder Marco Pastors in een interview die de indruk wekte dat hij nog rechtstreeks en heel concreet communiceert met de nu in het hiernamaals toevende Pim. Dat leek en lijkt mij van belang, want zodoende gaf Pastors body aan het idee dat overledenen voortleven, niet zomaar als abstracte herinnering maar heel concreet, in de overlevenden. Dat idee zou perfect bruikbaar kunnen worden als hoeksteen van een innovatie die we dringend nodig hebben: een religie die nu eens niet gebaseerd is op geloof en dogma en andere fundamentalistische misverstanden, maar rechtstreeks op ervaring. En om het nog aantrekkelijker te maken: dit idee komt niet uit het gemoed van een of andere Jomanda-achtige nep-pastor, maar uit de boezem van een politieke partij die als geen andere het ideaal van de no nonsense predikt. Ik vond dan ook dat RoRaVoLeRe, de Rotterdamse Raad Voor Levensbeschouwing en Religie, Pastors zou moeten uitnodigen voor een spreekbeurt, en heb dat daar ook aangezwengeld. Het is voor zover ik weet nog niet gebeurd, maar misschien wachten ze tot 11 mei. Dan is er een openbare bijeenkomst van RoRaVoLeRe over religie en politiek. Als dat niet een open doel voor Pastors is, weet ik niets van voetbal.
Kortom, hier leeft ‘kairos’: een moment waarop Hogere Machten klaar staan om hier op aarde iets moois en goeds en nieuws te bewerkstelligen. In de overtuiging dienaangaande ben ik de afgelopen weken gesterkt door twee berichten. Op 19 februari hielden de ‘Vrienden van Pim Fortuyn’ in de kathedrale kerk van de H.H.Laurentius en Elisabeth een herdenking ter gelegenheid van de geboortedag van Pim, en twee dagen later werd in het Kriterion Theater boven in het Groothandelsgebouw het oprichtingscongres gehouden van het wetenschappelijk bureau van de Lijst Pim Fortuyn. Dat zijn toch historische momenten, en voor iedereen die ogen en oren in zijn hoofd heeft ‘tekenen des tijds’?!
Maar ik ben en blijf een kritisch ingesteld, altijd twijfelend, wetenschappelijk mens. Er zijn ook andere verklaringen voor het voortbestaan van Pim. Eén zo’n alternatieve verklaring ontleen ik aan de film ‘Les Diaboliques’ van Henri-Georges Clouzot (1954). Een hufter van een vent wordt vermoord door zijn echtgenote en zijn maîtresse, die hij allebei mishandelt en die uit solidariteit samenspannen. Althans zo lijkt het. De dames gooien het lichaam van de man in een zwembad, maar daaruit verdwijnt het op mysterieuze wijze, en vervolgens geeft de man het ene levensteken na het andere. Ik verklap de ontknoping niet, alleen moet u weten dat die van een andere strekking is dan de voortleef-manifestaties in het ondermaanse die Pim lijkt te vertonen. Maar de twijfel over wat er nu werkelijk met Pim aan de hand is, blijft knagen.
Deze column is eerder verschenen in ‘De Ster van Kralingen’
|
 |